null

Noodverordeningen, duidelijke communicatie en duidelijke regels?

Op 23 maart jl. gaf het kabinet een persconferentie waarin een aanscherping van de coronamaatregelen bekend werd gemaakt. In de landelijke pers is inmiddels breed uitgemeten dat de communicatie ten aanzien van de maatregelen beter kon. Met name de maatregel tot en met 1 juni a.s. ten aanzien van evenementen waarvoor een melding of vergunning vereist is, wekte verbazing en vooral verwarring. Vanavond zal het kabinet bekendmaken (i) of, en zo ja in hoeverre de tot 6 april a.s. geldende maatregelen verlengd worden en (ii) of de bestaande maatregelen aangescherpt worden. De eerste signalen wijzen op een verlenging. Iets dat, gegeven de groei in ziekenhuisopnamen, geen verbazing wekt.

Totstandkoming maatregelen

Het is van groot belang op te merken dat het kabinet die regels uiteindelijk niet zelf schrijft. De voorzitters van de 25 veiligheidsregio’s stellen namelijk een noodverordening op. Dit doen zij op aanwijzing van de minister van Volksgezondheid. Zoals toegelicht in dit eerdere blog vindt die aanwijzing plaats op grond van artikel 7 van de Wet publieke gezondheid en artikel 39 van de Wet op de veiligheidsregio’s. 

Noodverordeningen

 Afgelopen vrijdag hebben alle 25 veiligheidsregio’s hun noodverordening gepubliceerd op hun website of via (een spoedpublicatie) in het Blad gemeenschappelijke regeling. Kortom, het duurt even voordat de door het kabinet afgekondigde maatregelen vertaald zijn in daadwerkelijke normen die bekend zijn voor iedereen.

Een blik op alle verordeningen maakt duidelijk dat deze zijn gebaseerd op een model noodverordening, waarbij de maatregelen kort en goed als volgt zijn verwerkt:

  • Verbod op samenkomsten en evenementen;
  • Het niet in acht nemen van veilige afstand;
  • Sluiting van horeca, sauna’s, sportscholen, e.d.;
  • Verbod op contactberoepen;
  • Verboden gebieden en locaties;
  • De mogelijkheid het OV te beëindigen;
  • Sluiting van het onderwijs en de kinderopvang
  • Verbod op toegang tot zorginstellingen en woonvormen ouderenzorg.

Dit zijn de basisregels, waarop vervolgens weer uitzonderingen zijn gemaakt.

Groepsverbod?

Uitzonderingen op de hoofdregel geven onduidelijkheid. Zo wordt in de landelijke media gesproken over een groepsverbod (drie of meer personen), maar volgt duidelijk uit de noodverordeningen dat wanneer een afstand van ten minste 1,5 meter gehouden wordt geen sprake is van het niet in acht nemen van de veilige afstand. Wanneer 1,5 meter afstand gehouden wordt, is dus wel sprake van groepsvorming. Van overtreding van het in de noodverordening neergelegde verbod is dan geen sprake. Of de boetes voor vliegtuigspotters bij de laatste landing van KLM-Boeing 747 terecht zijn, staat dus niet op voorhand vast.

Verschillende regels

De onduidelijkheid wordt groter doordat niet alle veiligheidsregio’s dezelfde maatregelen nemen. De ene noodverordening is uitgebreider dan de ander. Bovendien nemen sommige voorzitters nog aanwijzingsbesluiten. Zonder volledig te willen zijn, wijs ik op de volgende (aanvullende maatregelen):

  1. onder voorwaarden worden markten toegelaten;
  2. een verbod op het zich bevinden op vakantieparken, campings en camperplaatsen (tenzij sprake is van permanente bewoning);
  3. een verbod op het gebruik van gemeenschappelijke toilet-, was en douchevoorzieningen, zowel op of bij recreatieparken, vakantieparken, kampeerterreinen en kleinschalige kampeervelden, als bij parken, natuurgebieden, (recreatie)stranden en (jacht)havens;
  4. een verbod op het gebruik van slaap- en standhuisjes voor recreatief nachtverblijf;
  5. een verbod op het aanbieden en gebruiken van recreatief nachtverblijf op recreatieparken, kampeerterreinen in jachthavens en op het strand;
  6. aanwijzing van verboden gebieden en locaties, zoals skateparken, jongerenontmoetingsplekken, parkeerplaatsen, fitnesstoestellen, parken en voetbalkooien.

Hoewel logisch gezien de verschillen tussen de veiligheidsregio’s wordt het met deze lappendeken aan maatregelen niet overzichtelijker voor ‘de burger’ of bedrijven.

Boetes?

Dat geldt ook voor de boetes die opgelegd kunnen worden. Het kabinet sprak in de persconferentie van 23 maart jl. over boetes van EUR 400,00 voor particulieren en EUR 4.000,00 voor bedrijven, maar die bedragen komen niet zo terug in de noodverordeningen. De hoogste straf is een boete van EUR 4.350,00 of drie maanden cel.

Daarnaast is het mogelijk een last onder dwangsom op te leggen wanneer een overtreding is geconstateerd en herhaling daarvan voorkomen moet worden. Daarbij is het uitgangspunt dat het bedrag van de dwangsom passend en geboden is om die herhaling te voorkomen. De Veiligheidsregio Brabant-Noord heeft dat concreet gemaakt door een handhavingskader op te stellen.

Daaruit volgt per voorschrift uit de noodverordening de mogelijke straf en wordt onderscheid gemaakt tussen de strafrechtelijke boete en de bestuursrechtelijke dwangsom. Voor het overtreden van het verbod op samenkomsten gelden bijvoorbeeld boetes van EUR 390,00 (meerderjarig) en EUR 95,00 (minderjarig), terwijl voor het organiseren van een verboden samenkomst na een waarschuwing een last onder dwangsom volgt van maximaal EUR 10.000,00 met een termijn om de overtreding te beëindigen van 30 minuten of een boete van EUR 4.350,00.

Met dit handhavingskader wordt het voor burgers en bedrijven inzichtelijker wat ze mogen verwachten in de Veiligheidsregio Brabant-Noord, maar voor de overige veiligheidsregio is dat niet altijd even duidelijk.

Niet mee eens met de maatregelen in de noodverordening. Wat dan?

Genoeg reden dus wellicht om het niet eens te zijn met zo’n noodverordening zou je denken. Zeker als het in de praktijk – na publicatie – toch net strenger lijkt uit te pakken voor een specifiek geval. Helaas staat er alleen geen bestuursrechtelijk rechtmiddel open tegen een noodverordening. Dat ondervonden de marktkooplui in Dordrecht en Rotterdam. Een civielrechtelijk kort geding zou (theoretisch) uitkomst kunnen bieden.

Tegen de aanwijzingsbesluiten op basis van de noodverordening kan echter wel een bestuursrechtelijk rechtsmiddel worden aangewend, namelijk een bezwaarschrift in combinatie met een voorlopige voorziening.

Conclusie

Het is dus zaak de website van de relevante veiligheidsregio én de publicaties op de website van de overheid goed in de gaten te houden om (i) de geldende regels te kunnen kennen en (ii) daaraan te kunnen voldoen.

Het is daarom te hopen dat de persconferentie van vanavond qua communicatie duidelijker is en ook duidelijk en goed gecommuniceerd wordt door de veiligheidsregio’s in hun noodverordening.